22 augustus 2014

Op 7 november 2003 is de toen 10-jarige Esra als voetganger aangereden door een motorrijder. Door dit ongeval heeft Esra onder meer blijvend hersenletsel opgelopen en is zij gedeeltelijk verlamd geraakt. Reaal, de verzekeraar van de motorrijder, heeft de aansprakelijkheid voor het ongeval erkend. Partijen zijn het tot nu toe niet met elkaar eens over het inkomen dat Esra zou hebben gehad zonder ongeval.

Volgens Reaal zou Esra van haar 17e tot en met haar 26e fulltime gewerkt hebben, vervolgens 10 jaar niet en aansluitend tot haar 67e, 50%. Esra vindt dat Reaal met dit uitgangspunt onderscheid op grond van geslacht maakt, omdat dezelfde uitgangspunten niet bij een man worden gehanteerd. Ook de door Reaal gebruikte statistieken ter onderbouwing van het uitgangspunt zijn onvoldoende en onvolledig.

Namens Esra heeft Haagrecht Advocaten hierover een klacht ingediend bij het College voor de Rechten van de Mens. Op 23 juni 2014 heeft een hoorzitting plaatsgevonden en op 19 augustus 2014 heeft het College haar oordeel gegeven. Het College deelt het standpunt van Esra en is van oordeel dat Reaal onderscheid maakt op grond van geslacht. Volgens het College zou Reaal de schade van een man zo nooit hebben berekend. De door Reaal gebruikte onderzoeken hebben daarnaast alleen betrekking op de arbeidsdeelname van uitsluitend vrouwen. Volgens het College discrimineert Reaal hierdoor ook.

Het oordeel en de samenvatting kunt u vinden op www.mensenrechten.nl.

*           Mr. B.M. van der Pols. Zij werkt samen met mr. A.H.H. Fuchs in de letselschadezaak van Esra Coskun.

 

 


Meer nieuwsberichten